Tags

,

Hoe sloop je een kademuur van 50.000 m3 gewapend beton, op 3 meter onder het waterniveau? Met 45 ton springstof. Slechts een paar bedrijven kunnen zo’n specialistische klus aan. Het Havenbedrijf Rotterdam kwam uit bij Wolf BVBA uit het Belgische Denderleeuw. Met bureaucratische obstakels hield niemand rekening – tot bleek dat alleen Nederlandse staatsburgers in Nederland met explosieven mochten omgaan. Het Enterprise Europe Network (EEN) schoot te hulp. 

‘Gebouwd om 1.000 jaar te blijven staan’

Vaak komen sloopwerken van die omvang in Nederland niet voor, zegt directeur Herman Daelman van Wolf BVBA. Een muur van 30 jaar oud, ‘gebouwd om 1.000 jaar te blijven staan’, moest worden gesloopt om ruimte te maken voor de steeds grotere schepen die de Rotterdamse haven aandoen. Een deel van de muur werd mechanisch afgebroken, het onderste deel opgeblazen. “Dat bracht het aantal werkdagen terug van 100 naar 40”, zegt Daelman. Waarom een Belgisch bedrijf die klus moest klaren? “België heeft een historie van mijnbouw, een aantal actieve steengroeven en dus ook expertise in explosieven.”

Geen discriminatie

Het ging niet zomaar. De vergunningen kwamen niet los. Wolf hing een boeteclausule boven het hoofd. “Anno 2012, in de Europese Unie, bleek de nationaliteit van onze medewerkers een probleem. Dat geeft mij zeer verbaasd.” En ook de medewerkers van het Enterprise Europe Network (EEN), een netwerk van 600 organisaties uit meer dan uit 50 landen. EEN ondersteunt mkb’ers bij internationale handel en innovatie. “Zij stelden zich direct zeer constructief op en hebben me veel werk uit handen genomen.” Volgens de Europese dienstenrichtlijn mogen Europese bedrijven die diensten willen verrichten in een ander EU-land niet worden gediscrimineerd ten opzichte van lokaal gevestigde bedrijven. Dat botste met de Nederlandse wet. 

Schot in de zaak

Mede dankzij de bemiddeling van EEN Vlaanderen en EEN Nederland kwam er een oplossing. Wolf BVBA richtte een vestiging in Rotterdam op en zorgde ervoor dat de mensen die de explosieven daadwerkelijk aanraakten Nederlanders waren. “Wij waren daarmee geholpen, maar uiteindelijk zal de wet up to date worden gemaakt. Hopelijk heeft wij daar een beetje aan bijgedragen.” Daelman maakte aanvankelijk zelf de gang langs nationale en lokale overheden. Maar er kwam pas schot in de zaak toen met name Ton Durieux van EEN Nederland druk uit gingen oefenen bij het Nederlandse ministerie van Sociale Zaken en de politie. “Dankzij hen is het toch snel in orde gemaakt.”

Advertenties